Ontwikkelingsmaffia of niet meer dan een afspiegeling van een ongelijke wereld?
Dit verhaal wordt vrij lang, omdat het probleem nogal ingewikkeld is, maar als je een ‘inside story’ wilt over waar het geld voor ontwikkelingssamenwerking naartoe gaat, lees dan even door.
Gisteren hield ik een praatje voor eerstejaars antropologie studenten over ontwikkelingssamenwerking. Een van de vragen die we bediscussieerden ging over de effectiviteit van ontwikkelingsprojecten. Bij antropologie heerst over het algemeen een doemdenken over ontwikkelingswerk, omdat minder dan de helft zou lukken. Dan worden er bijvoorbeeld ergens wc-s gebouwd om de hygiëne te verbeteren, en dan blijkt achteraf dat niemand die hokjes als wc-s gebruikt maar vooral als opslagplaats voor rijst.
In mijn optiek is het project dan in ieder geval niet mislukt, want een goede droge opslagplaats voor rijst (die bovendien niet wegwaait in een storm) is erg belangrijk. Het had niet het bedoelde effect, maar is dat nou zo erg? Het is nogal bevoogdend om vast te houden dat die WC-s alleen gebruikt mogen worden voor poepen en plassen terwijl mensen zelf vinden dat ze voor nuttiger doeleinden kunnen worden aangewend. Bovendien: de eisen die we stellen aan ontwikkelinsgprojecten zijn misschien wel erg hoog. In Nederland evalueren we toch ook niet of elk bushokje op de goede plek terecht is gekomen?
Wat ik zelf een veel groter probleem vind is dat er in de ‘ontwikkelingswereld’ zo’n enorme bedragen worden verdiend door mensen (meestal westerlingen) die bijvoorbeeld afgestudeerd zijn als ingenieur, en dan als ‘expat’ worden toegevoegd aan een ontwikkelingsproject (bijvoorbeeld van de Verenigde Naties). Deze ‘expats’ krijgen een goed salaris, alle reiskosten vergoed, een dagvergoeding voor elke dag dat ze van kantoor weg zijn, en als ze langer in het ‘ontwikkelingsland’ moeten blijven wonen, een vette verhuisbonus plus een jaarlijks setje gratis vliegtickets voor de hele familie.
Deze mensen spreken vaak niet de taal van het land, en vinden het nauwelijks de moeite waard om de gebruiken te begrijpen. Het maakt hen niet uit of ze in Timbuktu of in Cambodia zitten, zolang er maar een Starbucks in de buurt is om af en toe een goede kop koffie te kunnen drinken. De leefkosten zijn laag, dus ze kunnen leven als God in Frankrijk. Dat ze in feite in een ‘gouden kooi’ leven maakt hen blijkbaar niet zo veel uit.
Iemand die lokaal in dienst wordt genomen daarentegen, werkt voor een fractie van het bedrag van een buitenlandse expert. Terwijl die persoon wél de taal kent, makkelijker met de mensen overweg kan en ook heeft gestudeerd. Hoe raar zit de wereld eigenlijk in elkaar?
Heel raar, merk ik nu. Normaal gesproken is dat niet iets waar ik dagelijks depressief van word, net zo min als de meeste andere Nederlanders. Maar op dit moment wordt ik er op een heel directe manier mee geconfronteerd. Ik heb namelijk een projectvoorstel geschreven samen met mijn (Filippijnse) vriend en vrienden van hem die voor een lokale ontwikkelingsorganisatie werken, Yakap. Het betreft een project voor twee jaar, om toegepast onderzoek te doen naar de mensen die wonen in het zuidelijke deel van de Sierra Madre op het eiland Luzon, Filippijnen. Yakap is net begonnen met een project om in dat gebied een nationaal park op te richten. Dit nieuwe project zou daarbij moeten aansluiten om ervoor te zorgen dat de mensen die daar wonen in die plannen worden meegenomen en niet benadeeld worden. Ik heb zelf geen verstand van het opstellen van budgetten voor dit soort projecten, dus dat maakten zij.
Wat bleek: voor mij hadden zij een Europees salaris berekend, voor zichzelf ‘lokale salarissen’. Dat is een groot verschil: mijn salaris was meer dan twee keer zo hoog als dat van de directeur van Yakap. Terwijl zijn salaris voor Filipijnse standaarden heel goed is.
Toen ik zei dat ik daar grote moeite mee had, zeiden zij dat een lager salaris mijn geloofwaardigheid teniet zou doen in de ogen van de geldschieters. Dat het juist een voordeel is dat ik een ‘buitenlandse expert’ ben. Hoewel ik de taal nog niet goed spreek en nog een heleboel te leren heb in de omgang met mensen is dat in hun ogen geen nadeel, maar een voordeel! En dat ik daar moeite mee heb, getuigt volgens hen alleen vooral van mijn naïviteit.
Toen ik er met andere mensen over sprak hier in Nederland, zei iedereen dat ik het maar gewoon zo moet laten. Voor Europese standaarden is het een vrij laag salaris, en moet ik nu zelf voor al die dingen zorgen die in Nederland automatisch worden ingehouden op je salaris: pensioen, arbeidsongeschiktheid, WW. Bovendien ben ik straks gepromoveerd, en dat is ook wat waard. Omdat ik goed Engels schrijf, komt het met de rapportage ook wel in orde en dat is natuurlijk belangrijk voor een project dat van fondsen afhankelijk is. En sowieso: welke gek protesteert er nu omdat haar salaris te hoog is?
Maar hoe zit het dan met de pensioenvoorzieningen en arbeidsongeschiktheidsregelingen van mijn toekomstige Filipijnse collega’s? En waarom wijst niemand erop dat zij meer ervaring in de Filipijnen hebben dan ik? Of op het feit dat ik helemaal niets en nergens zou zijn zonder hun bereidheid om Engels te spreken zolang ik hun taal nog niet zo goed spreek? Of op het feit dat ik dan misschien wel een goede onderzoeker ben, maar voorlopig totaal afhankelijk van een tolk om te kunnen communiceren met mensen die geen Engels spreken?
Wat blijkt: de realiteit van de mondiale ongelijkheid zie je precies gespiegeld in de internationale NGO-wereld van ontwikkelingswerk, ondanks het feit dat zij juist de mensen zijn die er iets aan willen doen. Maar als ik er iets over zeg tegen mijn Filipijnse vrienden kijken ze me aan alsof ik gek ben: ‘Heb je dat nu pas door? Wees blij dat je aan de goede kant staat. Help ons een handje om daar ook te komen. En hou op met zeuren over dat salaris, want de wereld wordt er niet beter op als jij minder verdient’. Tja….
Ik heb voor mezelf besloten dat ik het geld dat ik meer verdien maar in een fonds stop of zoiets, en ervoor zorg dat ik niet ga leven volgens de ‘gouden kooi’ standaarden van andere ‘expats’. Voorlopig hebben we nog geen geld voor het project, dus het is een hypothetisch probleem. Ik ben benieuwd hoe het in de praktijk gaat uitwerken.
Zie ook de New Statesman over de ontwikkelingsmafia (Engels)
dit is inderdaad belachelijk
Informatief.
Het zijn grappig genoeg juist die studenten van jou die straks als consultant of ontwikkelingswerker willen gaan werken. Inderdaad, tegen die arbeidsvoorwaarden. Heb je ze ook verteld dat dat er niet meer in zit? Herfkens heeft ooit terecht geprobeerd om de tropenartsopleiding af te schaffen. Je had de tropenartsen-in-opleiding moeten horen!
eh, de studenten van kim of van marten?
De studenten die ik sprak waren erg idealistische eerstejaars, die van zichzelf zouden zeggen dat ze dat soort dingen noooit zouden doen, en meestal ook erg kritisch zijn op ontwikkelings-samenwerking vanwege de blinde vlek voor culturele en sociale eigenheid. En het is waar dat antropologen niet vaak op dat soort posities komen, het zijn meer de mensen met technische beroepen, die antropologen over het algemeen als lastpakken zien. Ik denk dat de meeste antropologen dit niet eens weten. Ik heb het ze niet verteld, omdat we het al druk genoeg hadden met de andere discussie-onderwerpen. Juist omdat ik daar mijn ei niet helemaal kwijt kon heb ik er hier een stukje over geschreven.
sorry voor de dubbelposting, maar ik vraag me nu ineens af wat mensen die wel worden opgeleid tot ontwikkelings ‘expert’ over dit probleem tijdens hun opleiding horen. Weet iemand dat?
De ongelijkheid in de ontwikkelingswereld is inderdaad om je behoorlijk over te ergeren. Maar protesteren helpt niet. Stop het geld in een potje en verzin wat om iets voor je counterparts te doen voor hun pensieon of in geval van ziekte. Ik heb jaren in Indonesie gewerkt voor een laag bedrag van zo’n 300 gulden (toen nog ) per maand maar dat was nog zeker twee maal zoveel als de directrice van de lokale NGO. Alles is relatief, langdurige relaties opbouwen in zo’n land is misschien nog het beste wat je kan doen voor je counterparts.
Dank voor de reactie, ik was inderdaad van plan om zoiets te doen. Met de langdurige relaties komt het ook wel goed hoop ik. Iemand anders wees me erop dat het tentoonspreiden van zo veel gewetensvolheid ook een vorm van paternalisme (maternalisme?) is. In mijn plaats zouden zij dat niet doen, ze weten wel wat ze ermee kunnen doen. Zoals mijn Filipijnse vrienden zeggen: de wereld wordt er niet beter op omdat jij minder verdient…. En dat is natuurlijk waar.
zithromax birth control…
zithromax birth control…
sistema docena ruleta…
whirr text inoperative!plagiarism strategy …
credit check free online…
smock survive indoctrinate …
bankruptcy indiana…
Eskimoized?mouse indulge unconditional writhe:…