Er zit geen geld in inheemse volkeren
Al een tijdje ben ik bezig om met een lokale Filippijnse organisatie (Yakap Kalikasan) een plan te maken om geld los te krijgen voor een project met zogenaamde ‘inheemse volkeren’. Het gaat om twee groepen ‘jagers-verzamelaars’, de Remontado en de Dumagat, in een bebost en bergachtig gebied waar deze organisatie een beschermd gebied van wil maken.
Omdat zij geen legale claim op hun leefgebied hebben, dreigen de belangen van de Dumagat en Remontado ondergschikt te worden aan de andere plannen in dit gebied, de toekomst is onduidelijk.
Er zijn allerlei speculaties dat er weer op grote schaal gekapt gaat worden, er zijn een hoop goudzoekers in het gebied, en belangrijke figuren hebben het in hun hoofd gekregen dat er een hypermoderne stad moet verrijzen. Dat creeert een hoop verwarring en boosheid onder de bewoners, omdat zij niet goed weten wat hun rechten zijn en hoe ze die kunnen laten gelden.
Ons plan wil ervoor zorgen dat zij hun basale rechten kunnen laten gelden in combinatie met het streven om het gebied tot een beschermd landschap te verklaren. Dat vraagt een hoop geld en menskracht omdat de Dumagat en Remontado tussen verschillende moeilijk bereikbare plekken heen en weer trekken.
Een sympathieke zaak toch? Wie kan daar nou tegen zijn. Daar moet vast een potje voor te vinden zijn…. Helaas, dat is makkelijker gezegd dan gedaan. Er zijn teveel belangen en machtige actoren in het spel, en meestal staan die er nauwelijks bij stil dat de mensen die daar wonen wellicht eerst toestemming gevraagd zou moeten worden voordat hun gebieden ontbost en ontgonnen worden.
Sinds tien jaar vormen inheemse volkeren een onderdeel van de plannen van internationale organisaties die ontbossing proberen te stoppen. De grote natuurbeschermings-organisaties hebben namelijk flink wat kritiek te verduren gekregen omdat zij mensen weerden uit gebieden om planten en dieren te beschermen. Tegenwoordig worden ‘inheemse volkeren’ juist gezien als de aangewezen natuurbeschermers.
Probleem is dat die inheemse volkeren vaak niets kunnen beginnen tegen de machtige organisaties die hun bossen willen leegroven. Het beste waar ze op kunnen hopen is een baantje als gids of houthakker bij diezelfde bedrijven. Korte-termijn belangen (wel of geen rijst voor je familie) prevaleren over het lange-termijn belang om hun leefgebied in stand te houden.
Tegelijkertijd beginnen steeds meer donors zich te realiseren dat zakken met geld uitstrooien niet helpt en mensen afhankelijk maakt. In plaats daarvan is stimuleren van ondernemerschap (bijvoorbeeld via micro-kredieten) nu erg populair. En als je toch gewoon ouderwets geld vraagt, moet je zorgen dat je van diverse bronnen geld loskrijgt, liefst ook van het bedrijfsleven, die weer het liefst kleine ondernemers ondersteunt.
Hoe doe je dat in dit geval? De grote bedrijven hier in de Filippijnen hebben er geen belang bij dat inheemse volkeren meer rechten krijgen. Bossen zijn een te rijke bron van inkomsten, vol nog niet ingeloste beloften van onontdekte mineralen en farmaceutische toepassingen, nog afgezien van het hardhout. Deze bedrijven hebben ook politiek nogal wat invloed.
Het bevorderen van hun rechten geeft geen onmiddelijk economisch rendement, het bevordert hoogstens hun bestaanszekerheid op overlevingsniveau. Het is onwaarschijnlijk dat de Agta en Remontado op korte termijn dezelfde hoeveelheden geld weten te slaan uit de hen toegekende gebieden als bijvoorbeeld een mijnbedrijf zou kunnen
Kortom, er zit geen geld in inheemse volkeren, ‘investeren’ in hun rechten is een bodemloze put .
Of toch wel? Een van de dingen waar je geld uit zou kunnen slaan is de sympathie en nieuwsgierigheid van westerlingen ten opzichte van inheemse volkeren. Vaak ligt hier een idee aan ten grondslag dat deze mensen meer ‘een met de natuur’ zijn, exotisch, opwindend anders en primitief. Eco-toerismeprojecten (waar, joepie, alweer ondernemerschap mee wordt gestimuleerd!) cashen in op dit idee.
Dat vereist dan wel dat de inheemse volkeren inderdaad ‘onbedorven’ zijn. Dat is meestal niet het geval. Ze houden net zo goed van karaoke en gin. Onder mannen is het een geliefd onderwerp wie wel eens de liefde heeft weten te bedrijven met een vrouw met ‘recht’ haar (zelf hebben ze krullend haar). De combinatie vrouwen drank en gin is te vinden in de videokebars die (illegale) houthakkers in hun behoeften voorzien. Degenen die wat meer ‘family-minded’ zijn lopen drie dagen heen en terug naar het dichtsbijzijnde dorp met een generator om de accu van hun karaoke-set opnieuw op te laden.
Voor al dit soort vermaak is cash geld nodig. Nog afgezien van het geld dat nodig is om rijst te kunnen kopen.
De toekomst zou dus kunnen zijn dat men zijn best doet om ‘onbedorven’ en ‘een met de natuur’ te lijken met hulp van internationale donors die duurzaam ondernemerschap via ecotoerisme willen stimuleren. Zodat de eco-toerist rustig een met de natuur kan worden. En niet hoeft te weten dat het geld dat hij aan zijn gidsen betaalt gebruikt zal worden voor drank, vrouwen en gezang.
De wereld zit raar in elkaar!
tsja,
ik word er meestal stil van als ik jouw berichten lees. Wel hartstikke goed om concreet inzicht te krijgen in zulke situaties waar je zelf zo ver van af staat, maar wel allerlei ideeën over hebt. Romantische gedachtes over de weldoener uithangen in landen die jouw hulp kunnen gebruiken ben ik al lang kwijtgeraakt…
kus van mij,
edeb