Gastblog van Liesbeth Gresnigt. Liesbeth (29) zit tien dagen in Uruzgan met haar band ‘The Embers’ om daar muziek te maken voor de troepen. Ze doet verslag voor hetkanWel.net.
Ons eerste optreden in Uruzgan was werkelijk fantastisch! Stel je de Dutch Corner voor, de verzamelplek voor de Nederlandse militairen, als een tent waar zeker 600 man in stond. De tent was heerlijk versierd alsof het al Koninginnedag is en het alcoholvrije bier stroomde er rijkelijk. Het staat als een paal boven water dat men hier zeker geen alcohol nodig heeft om een feestje te vieren, want het dak ging eraf! Natuurlijk was het warm, natuurlijk ademde je alleen maar stof in, natuurlijk was er toch een zekere dreiging van een raketaanval, maar het maakte allemaal niet uit, feest werd er gevierd. Het is inderdaad een welkome afwisseling van het dagelijkse bestaan hier, onze aanwezigheid, en we zijn er dan ook heel trots op dat we de militairen hier een mooie avond hebben kunnen geven.
Morgen gaat de helicopter richting Deh Rawod al om half zeven weg, dus erg veel slaap gaan we vannacht niet meer krijgen, maar op adrenaline kun je ook een heleboel. We gaan vliegen met een Cougar, als ik het goed schrijf, en dat schijnt een hele ervaring te zijn. Ik moet zeggen dat van vliegangst na deze trip al helemaal geen sprake meer kan zijn, want dan hebben we werkelijk alle manieren van bewegen door de lucht wel ervaren.
Vandaag hebben we een heuse rondleiding gehad over het kamp en een heel interessante uitleg over de F-16. Natuurlijk staan we gezellig met de straal jager op de foto. Rene heeft vlak voor de F-16 nog een kwakje saus achtergelaten, hahaha… De zonnebrand in zijn zak ging namelijk open precies voor het vliegtuig. Erg handig, maar het zorgde wel weer voor hilariteit.
De persvoorlichter en de sportspier (die zich voornamelijk bezighoudt met het organiseren van ontspanning) hebben ons rondgeleid en keurig verzorgd de afgelopen dagen. We hebben zelfs een glimp kunnen opvangen van de schoonheid van het land buiten deze basis. De eerste quala, een Afghaanse nederzetting, ligt hier al op een paar honderd meter van de met prikkeldraad afgezette vliegbasis. Het is absoluur groener hier dan je zou denken. De bergen op de ahtergrond maakten dat we even konden ademen. Dat klinkt misschien gek, maar binnen het kamp staat geen boom of struik, dus als je een weidser uitzicht ziet, dan geeft dat op de een of andere manier zuurstof. De meeste militairen hier komen nooit van het kamp af, dus wij zien dadelijk meer dan zij zullen zien van het land. Wat een gek idee is, aangezien zij hier zijn voor vaak vier, vijf of zes maanden.
We spreken veel militairen over hun gedachten en gevoelens op de kritieke momenten, bijvoorbeeld als er net een raketaanval is geweest of wanneer ze geconfonteerd worden met een slachtoffer. Het rare is, wat ik gisteren ook al schreef, dat het allemaal schijnt te ‘wennen’. De Minister van Defensie was vandaag op bezoek hier, om de militairen een hart onder de riem te steken. Hierboven staat Marit met hem op de foto.
Ik denk dat het verstandig is om een klein tukkie te doen voor we weer up en running moeten zijn.




(52 stemmen, gemiddeld: 3,33 uit 5)







Ik leef helemaal mee! Helemaal te gek dat jullie dit doen!
Hoe klinken de Embers?