Twee redenen waarom doemdenken van Club van Rome niet nodig is

Foto: Club van Rome

In 1972 schudde de Club van Rome de wereld wakker met het rapport “Grenzen aan de groei”. Het rapport gaf een flinke stimulans aan de ontwikkeling van de milieubeweging en het maakte duidelijk dat de wereld moest afstappen van het pad van ongebreidelde overconsumptie. Vandaag, 40 jaar later, presenteert de Club van Rome in Rotterdam een nieuw rapport, waarin het vooruit blikt naar de komende 40 jaar. De doemdenkers uit Rome zien nog steeds een zwarte toekomst voor de mens weggelegd: het rapport houdt er serieus rekening mee dat er op afzienbare termijn een einde aan de mens als soort komt.

Een van de schrijvers van het rapport is Jorgen Randers, een professor die ook aan “Grenzen aan de groei” meewerkte. Hij zal vandaag in Rotterdam het rapport presenteren. Wat er precies in het rapport staat of wat Randers vandaag gaat zeggen is nog niet bekend. Maar via de website van de Club van Rome wordt wel duidelijk dat Randers weinig optimistisch is ingesteld. Als we zo doorgaan als nu, waarbij we grondstoffen in sneltreinvaart opmaken, is de kans groot dat de menselijke beschaving ineenstort en zelfs het voortbestaan van onze soort in gevaar komt, aldus Randers. Mede omdat overheden vooral gericht zijn op korte-termijnbeleid, is Randers pessimistisch over onze kansen om de problemen te overwinnen:

“We leven nu al op een manier die niet voortgezet kan worden in komende generaties zonder grote veranderingen. De mensheid gebruikt al meer dan de aarde kan leveren, en in enkele gevallen zullen we lokale ineenstortingen zien voor 2052.”

Vanzelfsprekend is het goed dat organisaties als de Club van Rome op basis van wetenschappelijke inzichten en sterke denkers kijken naar de toekomst. Bij hetkanWel zien we echter ook graag dat mensen aanwijzen waar volgens hen de oplossingen liggen. Zonder te negeren dat het vreselijk moeilijk zal zijn om de mammoettanker van de wereldeconomie de juiste kant op te sturen, denken wij dat er veel kleine en grote oplossingen bestaan voor de genoemde problemen.

Om twee voorbeelden te noemen die we zo uit de koker van recente nieuwsberichten kunnen schudden:

* Er is een zeer snelle ontwikkeling gaande in duurzame energievormen. Bij zonne-energie is bijvoorbeeld bijna elke week wel een wetenschappelijke doorbraak te melden. Duurzame energie is de afgelopen 10 jaar een reëel alternatief geworden voor kolen, gas en kernenergie.
* Juist nu we tegen de grenzen van onze niet-duurzame groei aanlopen, komen er allerlei kansen voor nieuwe benaderingen van de economie, zoals de “cradle to cradle”-gedachte en de Blauwe economie. Zo tekent zich een duidelijke trend af waarbij we zuiniger worden op natuurlijke hulpbronnen. Grondstoffen worden duurder, waardoor recycling en zuinigheid economisch aantrekkelijker worden. Zo gaat de EU serieus werk maken van een interne markt voor afval en recycling, blijkt uit recente plannen van het europarlement. Ook Nederland kan in deze ontwikkeling een belangrijke rol spelen als “grondstoffenrotonde”.

We zijn daarom benieuwd wat dit rapport van de Club van Rome aan oplossingen biedt. Want die hebben we de komende 40 jaar vooral nodig.

(Advertentie)