Het goede van melk zit vooral in boter en yoghurt

Foto: wikimedia commons

hetkanWel-blogger Rozemarijn bouwt aan een eetbaar bos in Frankrijk. Op een stuk grond van 20 hectare in de Dordogne probeert ze, samen met haar parnter, de principes van permacultuur in de praktijk te brengen. Ook in haar Haagse achtertuin tuiniert ze er op los. Op hetkanWel doet ze verslag van haar belevenissen én schrijft ze over “gezonde voeding van grond tot mond”. Vandaag: het vierde artikel in een serie over melk.

Hoe gezond is melk eigenlijk? Er zijn twijfels over het nut van melk, maar het antwoord ligt, zoals zo vaak, genuanceerd. Biologische, rauwe melk bevat veel gezonde bacteriën. Maar heb je die wel nodig?

Eerder verscheen in deze serie: Alles wat je (niet) wil weten over melken Rauwe melk, gezond compromis voor zuivelliefhebbers en Supermarktmelk, voor niemand goed.

Lees ook
Kruidige pompoencake
Het beste van de raw food keuken
Instantbevrediging: zelf chocolade maken

Voordat je opgelucht adem haalt en op jacht gaat naar rauwe melk, gebiedt de eerlijkheid mij te zeggen dat er ook voor rauwe melk nog genoeg bedenkingen zijn. Bij het  paleo dieet komt melk er helemaal niet in. De belangrijkste argumenten draaien er allemaal om dat melk nou eenmaal bedoeld is voor jonge zoogdieren. Die moeten in korte tijd heel snel groeien en hun immuunsysteem opbouwen. Melk zit daarom ook van nature al vol met groeihormonen en bioactieve peptides (eiwit bouwblokken). Wat de effecten van al deze stoffen zijn op het menselijke systeem is nog maar nauwelijks onderzocht. Maar het is wel duidelijk dat voor volwassenen (koeien of mensen) al die groeihormonen overbodig zijn. En waarschijnlijk zelfs schadelijk. De uitkomsten van eerste onderzoeken geven niet veel hoop.

De groeihormonen worden in verband gebracht met groeiafwijkingen, maar ook met de toegenomen tumorvorming en kankers. Zo is de kans groot dat je als melkdrinker een verhoogde IGF-1 concentratie in je bloed hebt (insuline like growth factor). IGF-1 bevordert groei in gezond weefsel, maar ook in kanker. Met name voor prostaat en borstkanker creëert dit een veel groter risico (L. Cordain, The paleo answer).

Melk lijkt ook een verband te hebben met diabetes. De hoge concentraties van insuline van de koe die we via de melk binnen krijgen worden in verband gebracht met diabetes type 1. Maar melkproducten zorgen ook voor een stijging van onze eigen insulinespiegel, ondanks dat ze een lage glykemische index hebben. Dat ontdekte Loren Cordain 10 jaar geleden al in experimenten. Regelmatig hoge insulineniveaus zijn één van de markers van veroudering (zie Suiker, de snelweg naar veroudering). En leiden tot allerlei hormonale reacties die steeds duidelijker in verband blijken te staan met acné. Experimenten met een laag-glycemische dieet verminderden de acné-verschijnselen direct (L. Cordain, The paleo answer).

Voor de nutriënten hoeft het niet

En voor de voedingswaarde hoef je het niet te doen. Veel claims over de mineralen en vitaminen in melk liggen een stuk ingewikkelder. Zo zou er veel vitamine D in melk zitten. Maar L. Cordain rekent voor dat je om aan je dagelijks aanbevolen (reguliere ) hoeveelheid vitamine D van 600iu te komen je 168 glazen melk zou moeten drinken… En ook als er extra vitamine D is toegevoegd blijven er minimaal 6 flinke glazen melk nodig. De vitamines D3 en K die essentieel zijn voor gezonde botten zijn bijvoorbeeld vet-oplosbaar en hebben vet nodig om in onze bloedstroom opgenomen te worden. Met magere melkproducten grijp je daar dus naast.

Dat melk veel calcium bevat, dat klopt. Maar dat leidt niet eenduidig tot sterkere botten. In Amerika waar de hoogste calcium inname gemeten wordt,  is ook de hoogste ratio van osteoperosis. Voor een goede botopbouw is vooral de ratio calcium-magnesium belangrijk. Als je relatief te veel calcium in je bloed hebt vergroot je juist je kans op hartziekten. Over het algemeen hebben we eerder te veel dan te weinig calcium in ons bloed. Te veel calcium maakt de absorptie van andere belangrijke mineralen moeilijker waar we wel echt een tekort aan hebben. Zoals zink en ijzer. Zink is nummer één van de gebreksmineralen in Amerika. De beste bron daarvoor is vlees. Voor calcium zijn er genoeg andere bronnen, die ook nog eens makkelijker opneembaar lijken te zijn: boerenkool, spinazie, paksoi, vlees, vis, noten en zaden (Hartwig, It starts with food).

Maar wel yoghurt, boter en room en geitenkaas!

Gelukkig is er toch nog wat verzachtend nieuws. De meeste voedingsdeskundigen die melk pertinent afraden, prijzen boter en room wel vanwege de goede eigenschappen van melkvet. Melkvet bevat gelukkigerwijs namelijk niet de slechte eiwitten en groeihormonen van melk en maar heel weinig lactose en caseïne. Het bevat wel de goede vitamine K2, het kankerrremmende CLA en omega 3 vetzuren. Zure room is vanwege de fermentatie nog makkelijker verteerbaar dan gewone room. Ghee is boter waaruit de melkbestanddelen helemaal verwijderd zijn en in de Indiase keuken veelvuldig gebruikt wordt als (bak)vet.

Voor yoghurt is er ook een excuusargument. Veel traditionele volkeren die melkproducten aten fermenteerden hun melk. Daardoor wordt lactose afgebroken en caseïne voorverteerd. Op die manier is de melk veel makkelijker voor ons te verteren. Gefermenteerde melkproducten zoals yoghurt en kefir zijn daardoor veel minder een aanslag op ons systeem. Zelfs yoghurt van gepasteuriseerde melk bevat volgens Johnny Bowden nog goede lacto bacteriën (The 150 healthiest foods on earth).

Kaas is juist weer wel een bron van hele geconcentreerde caseïne. Rauwmelkse kazen zijn iets beter te verteren door de enzymen die er nog in aanwezig zijn. Veel van de Franse kazen zijn van rauwe melk gemaakt (de Fransen zijn zo op hun rauwmelkse kazen gesteld dat de productie met rauwe melk door de EU gedoogd wordt). Gelukkig hebben we op kazengebied dan weer de geitenkaas als uitwijkmogelijkheid. Geitenmelk bevat makkelijker verteerbaar vet en eiwit dan koeienmelk.  En 18 % meer calcium, 41% meer magnesium en 2 x zoveel vitamine A. Maar dan weer niet foliumzuur en B12 (J. Bowden, The 150 healthiest foods).

Plantaardige alternatieven

Natuurlijk zijn er voor melk en room ook allerlei plantaardige alternatieven, ook al is dat qua smaak wat mij betreft toch echt wel een ander verhaal. Maar kokosmelk/room doet het prima in curries en ijsvariaties, amandelmelk in zoet gebak en smoothies en havermelk in de pap. Rijstmelk bevat relatief veel koolhydraten (suikers) en weinig nutriënten. Sojamelk kan je beter helemaal laten staan. Lees daarvoor mijn verhandeling over de nadelen van soja.

(Advertentie)