“Ik ben opeens gek op wormen”

Foto: roosgoesgreen

hetkanWel-blogger roosgoesgreen bouwt aan een eetbaar bos in Frankrijk. Op een stuk grond van 20 hectare in de Dordogne doet ze een poging om als groentje de principes van permacultuur (ontwerp van duurzame ecosystemen) in de prakrijk te brengen. In de hoop dat ze uiteindelijk samen met haar partner van de opbrengst gezond kan leven. Op hetkanWel doet ze verslag van haar belevenissen.

 

Ik ben opeens gek op wormen. Blijkbaar hoort dat erbij als je een eetbaar bos wilt bouwen op een Franse boerderij. Niet dat ik ze persé op m’n brood hoef als Bug Mac, maar ik ben toch wel behoorlijk uitgelaten als ik ze rond m’n riek zie krioelen. Nu komt het vast goed met die 74 fruitbomen, denk ik. Alsof door die wormen de kans groter wordt dat het wat gaat worden met dat eetbare bos. Want dat moeten we nog maar zien.

Het idee van een eetbaar bos hebben we uit de permacultuur (permanente agricultuur). Het idee van permacultuur is dat je een natuurlijk ecosysteem/bos nabouwt, maar dan met eetbare planten. Klinkt vrij logisch en simpel. Als je bioloog bent tenminste en iets van natuur afweet. Maar Bas weet niks van plantjes en mijn latente wens om boerin te worden is ook pas recentelijk geactiveerd. Maar vlak voor de grote vrieskou hebben we dan toch maar alvast die 74 fruitbomen geplant. Appels, peren, pruimen, kersen, maar ook mispels, kweeperen en kaki’s.

Dubbele flups

Het was nog een hele onderneming om al die bomen uit te zoeken. Ooit gehoord van Rode boskoops of Dubbele flups? Onze appelkennis gaat meestal niet verder dan drie soorten. Elstar, jonagold, misschien nog een Granny smith of Braeburn en dan houdt het wel zo’n beetje op bij AH. Ik was dan ook lichtelijk in paniek toen bleek dat de Groente en Fruit Encyclopedie alleen al voor de appels zo’n 50 soorten telde. Idem dito voor de peren en de pruimen. Dus uiteindelijk maar afgegaan op het advies van een ervaren fruitkweker annex permaculturist. Want behalve lekker, is het ook belangrijk dat het ras goed groeit en niet te gevoelig is voor ziekten. Dat is helaas wel het geval bij mijn favoriet de Elstar, een ver doorveredeld ras. Ik zal dus een nieuwe favoriet moeten vinden. Misschien wordt het Lena, of Zigeunerin, of toch de lokale Franse soort Boulonnex.

Honderden kilo’s

In ieder geval, het begin van het bos staat er. Het idee is om het langzaam aan te vullen met groenten, bessen en eetbare bloemen. Tot we genoeg soorten hebben om het hele jaar alle nutriënten binnen te krijgen die we nodig hebben. Volgens de lokale boeren is het probleem meer hoe we alles op gaan krijgen. Hoeveel kids we hebben, vroegen ze al. Want één boom kan als snel 100 kg opleveren. Even begon ik te twijfelen, zijn we te overmoedig geweest met al die bomen? Visioenen van wekenlang inmaken drongen zich op. Of geen appeltaart meer kunnen zien. Misschien dat dan die wormensnack toch nog van pas komt.

Meer lezen en tips voor bomenplanten op www.roosgoesgreen.nl.

Lees ook:

Advertisement

2 comments

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *