Rutte moet met een Koningsplan tegen de krimp komen

Foto: srslyguys (flickr)
In de gehele negentiende eeuw was onze staatsschuld hoger dan nu. Als er in 1870 was besloten om niet nog meer lasten naar een volgende generatie te verschuiven, dan hadden we nu geen spoorwegen. Premier Rutte zal de geschiedenis ingaan als krimpkampioen, wanneer hij vasthoudt aan zijn huidige fixatie op onze staatsschuld. Want onze economie is niet ziek, Rutte máákt hem ziek. Daarom is het tijd dat de premier in dit kroningsjaar met een Koningsplan tegen de krimp komt. In de vorm van een Koningsfonds voor een duurzame economie. Dit kan als nationaal geschenk worden aangeboden aan de nieuwe koning Willem-Alexander. Grote plus: onze staatsschuld groeit er niet door, maar neemt er duurzaam door af.

Eigenlijk staat Nederland er helemaal niet zo slecht voor als we ons zelf nu steeds aanpraten, want ons land kent een hoge productiviteit en het bedrijfsleven is concurrerend. We voeren veel meer uit dan we importeren. We kunnen bovendien lenen tegen een historisch lage rente. Volgens topeconoom Jaap van Duijn in De Groene Amsterdammer kun je zelfs teruggaan tot de tijd van de Soemeriërs: “Je zult geen jaar vinden waarin geld lenen voor de overheid zo goedkoop was als nu.”

De krimp van onze economie is vooral toe te schrijven aan bínnenlandse problemen: bedrijven sparen jaarlijks 12% van het nationaal inkomen, terwijl ze slechts 1% investeren. Bij een verstandig economisch beleid zou de overheid deze conjuncturele onderbesteding compenseren, maar onze regering kiest opmerkelijk genoeg juist voor bezuinigingen die een verdere onderbesteding aanjagen, met als argument dat “je niet eindeloos meer kunt uitgeven dan je binnenkrijgt.”

Even een economische wijsheid die je al leert op de middelbare school: de overheid is geen huishouden of bedrijf. Vanwege zijn dominante positie in de samenleving heeft de overheid de verantwoordelijkheid om een economische krimp op te vangen door de bestedingen op peil te houden. Uiteraard geldt hierbij wel dat de rentelasten draagbaar moeten blijven, maar die zijn, zoals gezegd, historisch laag.

Dus kan Rutte als leider van ons land de bestedingen prima op peil houden. Sterker nog, de noodzakelijke transitie naar een duurzame energie schreeuwt er om. En voor de goede orde: investeringen in schone energie, opleidingen, banen, huizen, hogere dijken en energiebesparingen zijn geen lasten maar lusten voor de volgende generatie.

Laten we daarom het bezuinigingsakkoord waarover nu wordt onderhandeld naar een hoger plan tillen: een koninklijk plan, om precies te zijn, voor de noodzakelijke transitie naar een duurzame economie. Net als eerdere koningen staat ook Willem-Alexander dan aan het hoofd van een land dat vol vertrouwen investeert in de toekomst.

In tegenstelling tot de negentiende eeuw hoeft onze staatsschuld hierdoor niet eens enorm op te lopen, want er staat veel geld op bedrijfsrekeningen te wachten op een bestemming. Maar ook burgers sparen op dit moment samen miljarden, juist ook bij duurzame banken als ASN Bank en Triodos. Van de ASN Bank is bijvoorbeeld bekend dat er in enkele jaren 1 miljard euro werd gestald door spaarders voor een duurzamere wereld. De pijn is echter dat dit geld niet kan worden belegd in duurzame projecten die een solide rendement opleveren voor de spaarders. Er zijn wel veel groene initiatieven van bedrijven en burgers, maar die vormen niet de risicoloze belegging om een veilig spaarrendement op te leveren.

Als de overheid dit stilstaande geld van spaarders en bedrijven in beweging krijgt, kunnen we belangrijke stappen zetten naar een groenere economie. Het Koningsplan zou daarom een stimuleringsfonds moeten bevatten voor initiatieven en projecten die een duurzame samenleving dichterbij brengen. Denk aan duurzame woningbouw, corporaties voor decentrale opwekking van schone energie, lokale buurtinitiatieven die de leefbaarheid bevorderen, en bedrijven die een kringloopeconomie dichterbij brengen met slimme oplossingen en producten voor hergebruik van grondstoffen. Ook wordt geld uit het fonds aangewend voor de bouw van klimaatveranderingsbestendige dijken.

Spaartegoeden van burgers en bedrijven kunnen met vertrouwen in het Koningsfonds worden belegd, omdat de overheid garant staat. In het fonds komt bovendien geld van een belastingheffing op CO2-uitstoot, zodat onze regering eindelijk ook werk maakt van het liberale principe ‘de vervuiler betaalt’.

De business case voor dit Koningsplan staat als een energie-opwekkend huis. Het levert toekomstvaste banen op in de energiesector, bouw, industrie en dienstensector. We krijgen hogere dijken, geen overbodige luxe bij de huidige klimaatscenario’s. Onze huishoudens en kantoren worden veel energie-efficiënter. Onze bedrijven leveren duurzame innovaties voor een wereldmarkt, die een snel groeiende behoefte kent aan slimme en schone oplossingen. Bovendien wonen mensen in veerkrachtige lokale gemeenschappen waar ze schone lucht inademen.

En, misschien wel het winnende argument voor dit staatschuldschuwe kabinet: er komt een hele nieuwe inkomstenstroom op gang, via inkomstenbelasting op nieuwe banen en btw op nieuwe producten en diensten.

Kortom, een Koninklijk antwoord op de krimp en een duurzame verlaging van de staatsschuld.

Advertisement

5 comments

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *