Onderzoek: groene koplopers willen meer “power to the people” in energierevolutie

Bron: Greenpeace
Bron: Greenpeace
Mensen die lid zijn van milieu-organisaties willen zelf een belangrijke rol spelen in de energierevolutie. Die trend signaleren Greenpeace, Milieudefensie, Natuur & Milieu en de Natuur-en Milieufederaties bij een onderzoek onder hun achterban. Het onderzoek moet een breekijzer zijn voor de onderhandelingen binnen de SER over het Nationale Energieakkoord. Maar er zitten zoveel haken en ogen aan het onderzoek dat het nog maar de vraag is of dat gaat lukken.

De raadpleging van de bijna half miljoen leden van de vier milieuclubs leidde tot bijna 50.000 reacties. Items die te maken hebben met dingen die burgers zelf kunnen doen zijn populair. Energiebronnen waar de grote bedrijven op teren wordt met scepsis tegemoet getreden.

Een paar conclusies uit het rapport:

* 92% van de leden van de achterban wil dat zonne-energie belastingvrij blijft.
* 64% is van mening dat windmolens op het land gemakkelijker worden geaccepteerd als omwonenden kunnen delen in de winst.

Dat betekent niet dat de overheid geen rol mag spelen:

* Slechts 15% denkt dat de overheid nieuwe windparken niet financieel mag steunen.
* 77% van de ondervraagden is het eens met de stelling dat “iedereen moet mee betalen aan investeringen in schone energie, zowel bedrijven als consumenten.”

Alternatieve energiebronnen met een relatief groen imago zoals biomassa, kernenergie en schaliegas zijn niet populair. Deze zouden de CO2 uitstoot kunnen beperken (hoewel daar bij schaliegas veel twijfel over is), maar:

* Slechts 6% is voor een nieuwe kerncentrale.
* 7% denkt dat schaliegas een oplossing is.

Andere belangrijke conclusies uit het onderzoek:

* 94% wil dat “de vervuiler betaalt” het uitgangsprincipe van het (milieu)beleid wordt. Er is ook een grote steun voor maatregelen om vervuilende brandstoffen zwaarder te belasten en een milieu- en brandstofbelasting voor vliegen in te voeren.
* De kolenbelasting moet omhoog vindt 79% van de onderzochten.

Hoewel er zich dus een trend lijkt af te tekenen, zijn lang niet alle vragen van het onderzoek echt scherp te noemen.

Over windenergie werd de respondenten bijvoorbeeld gevraagd te reageren op de volgende stelling: “Windmolens op het land worden gemakkelijker geaccepteerd, als omwonenden kunnen delen in de winst.” 64% van de ondervraagden denkt dat dit inderdaad het geval is. Maar dat betekent niet dat ook 64% van de achterban dus voorstander van nieuwe windmolens zijn. Want ook mensen die de stelling onderschrijven kunnen nog steeds zelf tegen de plaatsing van windmolens zijn.

Op de stelling “Bedrijven moeten niet verplicht worden maatregelen te nemen als ze minder energie besparen dan beloofd” reageert 77% ontkennend. Maar wat betekent dat precies? Wordt hier nu een grote steun uitgesproken vóór energiebesparing?

Met name op het terrein van windenergie is het verrassend dat de milieu-organisaties niet beter hebben doorgevraagd. Immers, een groot deel van de nieuw op te wekken schone stroom — in 2020 moet 16% van onze energiehuishouding duurzaam zijn, we zitten nu op 4% — moet van windmolens op land komen. En ook binnen de milieubeweging is dat controversieel, omdat windmolens voor horizonvervuiling zorgen.

Complotdenkers zouden kunnen denken dat de vier opdrachtgevers bewust geen vragen hebben gesteld die deze controverse naar boven zou kunnen brengen. Als ze rechtstreeks hadden gevraagd naar de steun voor windmolens op land, zou het resultaat mogelijk niet zo rooskleurig kunnen zijn.

Wat ook de reden moge zijn, deze vaagheid maakt dat het de vraag blijft of het onderzoek echt de onderhandelingen rondom het Nationale Energieakkoord zal kunnen beïnvloeden. Als de energierevolutie burgers geld kost, hoeveel zijn ze dan bereid te betalen? Als er windmolens in de achtertuin komen, of nabij natuurgebieden worden geplaatst, hoe groot is de support dan? We weten het nog steeds niet precies.

Een ding bevestigt dit onderzoek echter wel: participatie van burgers lijkt de kans op acceptatie van windmolens fors te vergroten. Het ‘real life’-experiment van De Windcentrale maakt dit ook al duidelijk. Er staan nu duizenden mensen op een wachtlijst om te participeren in nieuwe windmolen-corporaties.

Advertisement

2 comments

  1. De natuur en milieuclubs stelden laffe vragen, omdat ze zelf tegen windmolens zijn.
    Wat ze hadden moeten vragen:

    "Er komen veel windmolen op het land en op zee.
    Wil je zelf een stukje windpark op het land kunnen kopen, als je daar goedkopere stroom uit krijgt dan op de markt?
    Of blijf je liever toekijken hoe allen bedrijven verdienen aan windmolen in ons landschap?"

    Op deze manier verschuiven we het gedoe om draagvlak van buiten gesloten burgers,
    naar marktwerking op de markt voor stukjes windpark voor burgers.

  2. Nauwelijks nadruk op CO2 vermindering al helemaal niet met pijnlijke maatregelen. Dit is vragen naar de bekende weg – belastingvrije zonenergie, wie wil dat niet? – en helaas niet meer.
    Benieuwd hoe sterk de milieugroepen zich maken voor wind op land, de energetisch meest aantrekkelijke optie.
    Dit onderzoek is jammer voor de tijd en moeite.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *