Hoeveel is het leven van een grutto jou waard?

Grutto's en biodiversiteit zijn onderwerp van gesprek op Food Film Festival. Foto: Remy Remerswaal, Flickr
Grutto op een paal. Foto: Remy Remerswaal, Flickr
Gastbijdrage door Maarten Kuiper, in het kader van het Food Film Festival (FFF) dat gehouden wordt van 9 – 11 mei in de Westergasfabriek in Amsterdam. Op het festival kun je je volledig onderdompelen in de wereld van eten, met de beste foodfilms, shows, debatten, workshops en het FFF restaurant met sterrenchef. FFF is een initiatief van de Youth Food Movement.

Wat betekent een pak quinoa uit de Ekoplaza voor de boeren in Peru en Bolivia? Wat betekent een blik tonijn voor de soortendiversiteit in de oceaan? En dichter bij huis: wat betekent een pak melk uit de supermarkt voor de Hollandse weide?

Vroeger waren de lijnen tussen producent en consument korter, en de gevolgen per keuze duidelijker. Nu zijn de lijntjes vaak langer, en in ieder geval minder zichtbaar. Dat betekent niet dat we minder nieuwsgierig moeten zijn waar ze heen lopen. In tegendeel.

Wist je dat binnen de stadsgrenzen van Amsterdam meer grutto’s broeden dan in heel Groot-Brittannië en Frankrijk bij elkaar? Dat is niet toevallig. In Frankrijk leggen nog steeds zo’n zes- tot achtduizend grutto’s jaarlijks het loodje voor de loop van een jager. Britse arts en schrijver Thomas Browne schreef in de 17de eeuw al: ‘Godwits [Grutto’s] were accounted the daintiest dish in England and I think, for the bignesse, of the biggest price.’ Het is aannemelijk te noemen dat de meeste grutto’s van Groot-Brittannië dus reeds in de stoofpot verdwenen zijn.

Wist je dat de grutto geen inheemse soort is in Nederland? Grutto’s overwinteren in West-Afrika en broeden in Europa, op plaatsen met redelijk hoge begroeiing ter beschutting en hoog grondwater zodat de regenwormen uit de bodem te wroeten zijn. Pas toen wij enkele eeuwen geleden graslanden in cultuur gingen brengen werd dat landschap aantrekkelijk als broedplaats. De intensivering van de landbouw na de Tweede Wereldoorlog vergrootte het beschikbare land zelfs, waardoor het aantal grutto’s in de jaren ’50 en ’60 snel toenam. Sinds een aantal jaren gaat het echter veel minder goed. Door inzet van het eiwitrijke Engelse raaigras en intensieve kunstbemesting is het aantal jonge weidevogels dat overleeft enorm afgenomen. Hoe hoger de productiviteit in de zuivelindustrie, hoe lager de biodiversiteit.

Landbouw en biodiversiteit gaan niet langer vanzelfsprekend hand in hand. De realiteit van de boer is er een van ondernemerschap; melk is een bulkproduct geworden dat voor steeds lagere prijzen gesleten moet worden. Biodiversiteit kan daarin niet op de eerste plek komen te staan. Of wel? Prof. Dr. Louise Vet, hoofd van het Nederlands Instituut voor Ecologie (NIOO-KNAW), zegt dat het juist (bio)diversiteit is dat in de toekomst de weerbaarheid van het boerenland gaat waarborgen. Momenteel leunen we zwaar op gebruik van kunstmest, dat door de eindigheid van bodemstoffen fosfaat en kali steeds schaarser wordt. Uitschieters en tegenvallers in de oogst zullen altijd voorkomen, om deze in de toekomst op te kunnen vangen hebben we dus weerbare landbouwgrond nodig.

Dat is een wijsje dat partijen als Vogelbescherming Nederland, het Friese Kening fan ‘e Greide en sinds vorige week het Wereld Natuur Fonds graag meefluiten. Want als hun geliefde weidevogel het goed doet, betekent het dat het hele ecosysteem om hem heen gezond is. De keerzijde is dat verandering niet kosteloos is. Meer ruimte voor weidevogels betekent minder ruimte voor intensieve landbouw en melkveehouderij, en dus waarschijnlijk een hogere prijs per liter melk. Wie zou dat moeten betalen? De Vogelbescherming heeft er een model voor bedacht in hun campagne Red de Rijke Weide. Syngenta, producent van gewasbeschermingsmiddelen, en enkele Nederlandse boeren brachten gezamenlijk het crowdfundingplatform Burgers voor Bijen. In beide gevallen komen de kosten tenminste voor een deel bij de burger te liggen.

Daarmee komen we op de kern van de zaak. Als we herontdekken wat we hadden en hebben, zowel in natuur als voedselproductie, wat hebben we dan over voor de ideale balans tussen de twee? Over dit soort dingen moeten we heel veel blijven praten. Op het Food Film Festival gaan we in elk geval een begin maken om die discussies zo breed mogelijk te voeren. In het zondagmiddagevent Strijd om de Weide onderzoeken we onder leiding van Andrea van Pol het spanningsveld tussen behoud van biodiversiteit en het voeden van een groeiende wereldbevolking.

Ps: Er wordt gefluisterd dat er grutto’s te spotten zijn op de Westergasfabriek, dus stadsornithologen: neem de verrekijkers mee!

Lees ook
[adrotate group=”1″]
Het Grote Visserijdebat: op winst beluste vissers vs. doemdenkende milieuactivisten
Waarom we vaker een leghaantje moeten eten

Advertisement

One comment

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *