Foto: Pixabay

Niet langer flexitariër, maar echt vegetariër

Er zijn veel goede redenen om geen vlees te eten. Al was het maar voor een beter milieu. Als hetkanWeller ken ik de redenen natuurlijk, maar vegetariër worden lukte me tot nu toe niet. Ik ben gewoon heel dol op een biefstukje op zijn tijd. Toch ga ik in januari samen met mijn gezin de uitdaging aan: we eten de hele maand geen vlees. Het gaat al een ruime week (bijna helemaal) goed.

In de hetkanWel-poll over groene voornemens voor 2017 eindige vegetarisch eten als tweede, na ontspullen. Deze top 2 komt toevallig helemaal overeen met de top 2 van grootste impacts op het milieu uit het boek ‚De verborgen impact’. hetkanWellers weten dus waarmee ze een duurzaam verschil kunnen maken.

Vegetariër worden: een grote stap

Voor ons gezin geldt dat we al heel zorgvuldig omgaan met spullen: we kopen alleen wat we nodig hebben, geven ongebruikte spullen een tweede leven en we gooien niks weg.
Vlees is een ander verhaal. Ik vind het gewoon veel te lekker. Daarom vond ik flexitariër worden al een prima stap. Vier keer in de week vlees eten is toch al veel minder dan zeven dagen per week? We kopen bovendien bewust: vlees van een deel-koe en anders een biologische kipfilet.
Maar toch knaagde er iets. Als ik me weer eens had verdiept in de enorme milieuschade door vlees, voelde ik me als een dief die minder vaak steelt. Je blijft een dief.

“Hoe zou het zijn als we helemaal geen vlees meer eten?”, vroeg ik aan mijn gezin. Zo ontstond het plan om de hele maand januari geen vlees te eten. En tot nu toe gaat dit heel goed.
We zijn nu ruim een week onderweg en ik heb slechts één keer per ongeluk gezondigd. “Let je op dat je geen borrelhapje met vlees kiest?”, waarschuwde mijn vrouw nog op de nieuwjaarsreceptie van de gemeente Utrecht. Maar toen had ik al een kipnugget in mijn mond…

Voorkom een schnitzel in de pan

Afgezien van deze misser eten we geen vlees, maar wel andere lekkere gerechten. Vega burgers, hartige taart met prei en paprika, portobello’s met blauwe kaas, allemaal heel goed te hachelen. Ik heb nog geen een keer verlangd naar een hamburger (hoewel, nu ik dit zo opschrijf…)

Groot voordeel is dat mijn vrouw een creatieve kok is. Daarnaast doet en denkt het hele gezin mee. We steunen elkaar en brainstormen samen over de maaltijden. Waar we wel naar zoeken zijn gerechten die zowel eenvoudig te bereiden als gezond én lekker zijn. Mocht iemand tips hebben, dan houd ik me aanbevolen, want als we ’s avonds moe thuiskomen van ons werk, is niks zo verleidelijk als koken op de automatische piloot… Voor je het weet ligt er dan een schnitzel in de pan!

Ik realiseer me overigens heel goed dat er geen koeienscheet minder wordt gelaten, nu wij thuis vegetariër zijn. Voor echte verandering zijn natuurlijk veel meer consumenten nodig, naast de overheid en het bedrijfsleven. Maar voor alle duurzame veranderingen geldt ook dat jij en ik het succes bepalen door ons gedrag aan te passen. Zeker op het gebied van eten, want huizen kun je energieneutraal maken, maar koeien niet!

Foto: Pixabay – CC0 Public Domain.

Advertisement

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *